Decreet Lokaal Bestuur versoepelt het bestuurlijk toezicht

Op 1 januari 2019 zullen er heel wat regels uit het nieuwe Decreet Lokaal Bestuur in werking treden. Ook de regelgeving met betrekking tot het bestuurlijk toezicht wordt herzien en gemoderniseerd om een snellere en duidelijkere besluitvorming mogelijk te maken.

Adhemar Advocaten licht de belangrijkste wijzigingen op het vlak van bestuurlijk toezicht hieronder graag voor u toe.   

Vandaag wordt het bestuurlijk toezicht geregeld in het Gemeentedecreet en het OCMW-decreet. Deze procedure wordt vaak als log en onduidelijk ervaren. Het Decreet Lokaal Bestuur wenst hier in de toekomst verandering in te brengen, onder meer door in te spelen op de trend van de digitalisering.

Zo zullen de gemeenten gebruik moeten maken van een digitale webtoepassing waarop een lijst van besluiten en belangrijke beslissingen worden bekendgemaakt (zoals bijvoorbeeld de reglementen en verordeningen van de gemeenteraad of het college van burgemeester en schepenen). Op die manier zijn alle belanghebbenden voldoende geïnformeerd en kunnen zij de relevante informatie over het lokaal beleid snel terugvinden.

Binnen een termijn van dertig dagen die volgt op de dag van de bekendmaking op de webtoepassing kan er een klacht worden ingediend. Wanneer een klacht later wordt ingediend, zal ze niet worden behandeld, omdat ze niet ontvankelijk is.

De klacht dient per beveiligde zending (digitaal formulier, aangetekende zending of afgifte tegen ontvangstbewijs) aan het Agentschap Binnenlands Bestuur te worden bezorgd.

Binnen de tien dagen na ontvangst van deze klacht brengt de toezichthoudende overheid de klager hiervan op de hoogte. Daarna vraagt zij het besluit en het bijhorende dossier op bij het betrokken bestuur.

Volgens de memorie van toelichting bij het Decreet Lokaal Bestuur zal het principieel de provinciegouverneur zijn die de klacht zal behandelen. De minister kan evenwel steeds beslissen om het dossier naar zich toe te trekken.

Belangrijk hierbij is dat er slechts één orgaan is die de beslissing zal nemen: ofwel de provinciegouverneur, ofwel de minister die bevoegd is voor binnenlands bestuur. Op die manier wordt er vermeden dat de klagers de minister gaan beschouwen als een soort ‘beroepsinstantie’ t.a.v. de beslissingen van de gouverneur. Het zogenaamde ‘tweetrapstoezicht’ uit het Gemeentedecreet wordt op die manier afgeschaft.

Nieuw is ook dat de toezichthoudende overheid (de gouverneur of de minister) binnen de dertig dagen een beslissing zal moeten nemen. Deze termijn wordt evenwel gestuit wanneer het besluit en het bijhorende dossier wordt opgevraagd bij de gemeente. De wetgever beoogt met het invoeren van deze korte beslissingstermijn een versnelde doorlooptijd van de dossiers en een snellere rechtszekerheid.

In tegenstelling tot wat vandaag het geval is, zal de toezichthoudende overheid de beslissing in kwestie niet meer kunnen schorsen. Vernietiging blijft wel mogelijk. De duidelijkheid is hiermee gebaat, aangezien besturen vroeger een geschorste beslissing nadien nog steeds konden aanpassen of intrekken. Bij een vernietiging daarentegen is het onmiddellijk voor iedereen duidelijk dat de beslissing verdwijnt.

De toezichthoudende overheid zal haar definitieve besluit (met inbegrip van de motieven) over de klacht ten slotte overmaken aan de klager. Deze beschikt eventueel nog over de mogelijkheid om naar de Raad van State te stappen.

Uit het bovenstaande blijkt dat de nieuwe regelgeving, die op 1 januari 2019 in werking zal treden, zal zorgen voor meer rechtszekerheid en duidelijkheid. Er wordt ook ingezet op digitalisering en snellere besluitvorming. Het valt echter af te wachten of de burger ook effectief meer gebruik zal maken van deze mogelijkheid tot bestuurlijk toezicht alvorens naar de rechtbank te stappen.

Voor verdere vragen kunt u terecht bij Stefanie Debeuf of Elke Paenhuysen:

Leave a comment