ESCO: de reddende engel voor de klimaatambities van overheden inzake vastgoed?

In Bonn (Duitsland) wordt er op dit moment druk vergaderd over de verdere implementatie van de doelstellingen die werden overeengekomen in het klimaatakkoord van Parijs (2015). Naast de besprekingen aan de vergadertafels in Bonn, zoekt men ook in het werkveld naar nieuwe innovatieve ideeën om de ambitieuze klimaatdoelstellingen van het akkoord van Parijs in de praktijk te brengen. Men hoort de man in de straat regelmatig zeggen: “De overheid moet maar het goede voorbeeld geven.” De meeste overheden beschikken immers over een aanzienlijke vastgoedportefeuille. Het vastgoed in deze portefeuille is vaak verouderd en budget is – bijna nooit – aanwezig. Mogelijk kunnen ESCO-projecten een uitweg bieden uit deze impasse, zodat overheden de weg kunnen wijzen naar duurzaam en klimaatvriendelijk vastgoed.

Adhemar Advocaten stelt het concept ESCO graag aan u voor.

Een ESCO, of Energy Service Company, levert energiediensten, zowel aan overheden als aan particulieren. ESCO-projecten (die in verschillende vormen en maten bestaan) onderscheiden zich door het totaalpakket dat zij aanbieden. Het is niet langer nodig om voor elke stap (studieronde, plaatsen van duurzame installaties (bv. led-verlichting, warmtepompen, etc.), onderhoud, etc.) een andere partij aan te stellen. De betrokken overheid wordt op die manier volledig ontzorgd.

Hoe motiveert men zo’n ESCO – nog altijd een private partij – om qua energiebesparing tot het uiterste te gaan en niet louter economisch te denken? Het is zo dat de ESCO of een externe derde partij (bv. een bank) – in het merendeel van de gevallen – de initiële investering voor zijn rekening zal nemen. Deze investering(en) word(t)(en) door de overheid terugbetaald op basis van de gerealiseerde energiebesparing. Met andere woorden, de overheid betaalt de ESCO op basis van de winst die zij, gedurende de looptijd van het contract, maakt op haar energiefactuur. Een lagere besparing dan vooropgesteld betekent bijgevolg ook een lagere vergoeding voor de ESCO. Op die manier zet men de ESCO aan om tot het uiterste te gaan en verkrijgt een overheid meer energiezuinig publiek vastgoed zonder de overheidskas aan te moeten spreken.

Het wordt duidelijk dat men met een ESCO geen product maar een (vertrouwens)relatie aanschaft. Hierdoor vraagt een ESCO-project, in tegenstelling tot een traditioneel project, o.a. een meer verregaande voorbereiding, een sterk vertrouwen tussen de verschillende partijen en een uitgebreide en delicate contractbespreking. Men zal immers een akkoord moeten bereiken over verscheidene cruciale punten zoals o.a. de duurtijd van het ESCO-project, de energiebesparing die door de ESCO zal moeten worden gegarandeerd, de vergoedingsregeling, het onderhoud achteraf, etc. Al deze elementen worden uiteindelijk in een Onderhouds- en Energieprestatiecontract (OEPC) gegoten.

Een ESCO-project vraagt een nieuw soort mindset van alle partijen aan tafel. Partijen zullen met een coöperatieve, flexibele en openhartige houding een vertrouwelijke en constructieve sfeer moeten creëren. De terugbetaling van de gedane investering(en) gebeurt immers in principe op (middel)lange termijn en wordt vaak gevolgd door een onderhoudscontract. Men zit als overheid bijgevolg enige tijd “vast” aan dezelfde partij.  De valkuil om uit koudwatervrees te hervallen in oude gewoontes ligt daardoor altijd op de loer. Bovendien is het mogelijk dat overheden vanuit een “too good to be true”-gevoel achterdochtig zullen worden.

Wat betreft de aanbesteding van dergelijke projecten, kijkt men in Nederland voornamelijk naar de concurrentiedialoog. Deze aanbestedingsprocedure houdt een zekere vorm van flexibiliteit in die nodig is bij het vorm geven van een ESCO-project.

Men zou om dezelfde reden echter ook kunnen opteren voor de mededingingsprocedure met onderhandeling (onder de oude wet: onderhandelingsprocedure met bekendmaking) of de nieuwe figuur van het innovatiepartnerschap.

Met het gebruik van ESCO’s kunnen overheden enerzijds een nieuwe stap zetten in de verduurzaming van hun publiek vastgoed en anderzijds het pad effenen om de klimaatambities van het akkoord van Parijs te realiseren. Adhemar Advocaten heeft alvast de nodige expertise in huis om overheden in dergelijke projecten te ondersteunen en bij te staan.

 

Voor vragen kan u contact opnemen met Stefanie Debeuf of Jonas Voorter:

stefaniedebeuf@adhemar-advocaten.be
jonasvoorter@adhemar-advocaten.be

Leave a comment