Paardenstallingen voor hobby-doeleinden opnieuw vergunbaar in agrarisch gebied vanaf 1 januari 2018

De Raad van State en de Raad voor Vergunningsbetwistingen hebben de voorbije jaren meermaals geoordeeld dat stallingen voor paarden en andere weidedieren voor loutere hobbydoeleinden niet vergunbaar waren in agrarisch gebied. Het bestaande wettelijk kader kwam daardoor onvoldoende tegemoet aan de grote vraag om dieren voor hobbydoeleinden te kunnen stallen in agrarisch gebied, inzonderheid paarden.

De decreetgever achtte daarom een decretale ingreep noodzakelijk. Sinds 1 januari 2018 is er nieuwe regelgeving voor de bouw van particuliere stallingen in agrarisch gebied van kracht.

De nieuwe regelgeving

Ingevolge het nieuwe artikel 4.4.8/2 VCRO is er nu (opnieuw) een mogelijkheid om in agrarisch gebied een (paarden)stalling voor hobbydoeleinden te vergunnen. Deze vergunning kan enkel worden verleend indien er nog geen bestaande stallen of andere constructies op het terrein aanwezig zijn die kunnen worden ingericht als hobbystal.

Wie een vergunning voor een (paarden)stalling voor hobbydoeleinden in agrarisch gebied wenst te bekomen, zal daarenboven moeten voldoen aan de volgende voorwaarden:

– De stal wordt volledig opgericht binnen een straal van vijftig meter van een hoofdzakelijk vergunde of vergund geachte residentiële woning of bedrijfswoning.
– De stal heeft een maximale kroonlijsthoogte van 3,5 meter.
– De stal heeft een maximale vloeroppervlakte van 120 m2 per hectare graasland, met een absoluut maximum van 200 m2.

Daarnaast moet uit de vergunningsaanvraag blijken dat de aanvrager effectief weidedieren houdt of in de toekomst zal houden, en dat hij over voldoende graasweiden beschikt in verhouding tot het aantal dieren waarvoor de stal wordt opgericht. Zo wordt er in de parlementaire voorbereidingen richtinggevend meegegeven dat grote weidedieren, zoals paarden en runderen, over 1000 tot 2500 m2 graasweide in de onmiddellijke omgeving van de stal moeten beschikken. Voor kleinere weidedieren, zoals bijvoorbeeld schapen en geiten, wordt 250 tot 500 m2 graasweide aangeraden.

Het voldoen aan bovenvermelde voorwaarden betekent echter niet dat er automatisch een vergunning zal worden verleend. Er zal nog steeds een toetsing plaatsvinden aan het principe van de goede ruimtelijke ordening. Daarnaast wordt ook rekening gehouden met de landschappelijke inpasbaarheid van de stal in de omgeving.

Bovenstaande regeling is niet van toepassing in ruimtelijk kwetsbaar gebied, in bouwvrij agrarisch gebied en in agrarisch gebied met overdruk natuurverwerving.

Tot slot dient er ook op gewezen te worden dat de vergunning voor de op te richten stal vervalt wanneer er gedurende 5 opeenvolgende jaren geen weidedieren worden gehouden. De stal moet in dat geval binnen de 6 maanden na het verval van de vergunning worden afgebroken.

Blijvende onduidelijkheden

Belangrijk is wel dat de nieuwe regelgeving zich niet uitspreekt over belangrijke aanhorigheden bij een paardenstalling voor hobbydoeleinden in agrarisch gebied, zoals de aanleg van een buitenpiste, de bouw van een stapmolen, de voorziening van een mestvaalt, de bijkomende verhardingen, en dergelijke meer. In de praktijk zijn deze aanhorigheden essentieel bij een goed functionerende paardenstalling.

De vraag die de komende maanden meermaals gesteld zal worden, is of het regelgevend kader voldoende houvast biedt om ook de bijkomende zaken te vergunnen bij een vergunbare paardenstalling. Dit wordt ongetwijfeld een boeiende juridische discussie.

Besluit

Het nieuwe regelgevend kader biedt zeker en vast een kader voor de vergunning van een paardenstalling voor hobbydoeleinden in agrarisch gebied, maar anderzijds blijven er een aantal lacunes bestaan, hetgeen in specifieke dossiers zeker aanleiding zal geven tot discussie.

Daarnaast blijft het beleidsmatige en regelgevende kader voor beroepsmatige paardenhouderij in het agrarisch gebied allerminst duidelijk. Onze verwachting is dat er de komende jaren nog heel wat discussie zal zijn omtrent de plaats van de professionele paardenhouderij in het agrarisch gebied.

We volgen de beide discussies zeker op de voet.

Voor vragen kan u contact opnemen met Joris De Pauw of Elke Paenhuysen:

jorisdepauw@adhemar-advocaten.be
elkepaenhuysen@adhemar-advocaten.be

Leave a comment